Diensthond ‘Basco’

Een vreemde eend in de bijt lijkt het maar Bouvier Basco hoort wel degelijk tot de honden familie Ballincurra. Toen hij leefde hadden we nog nooit gehoord van Ballincurra en er ook niet van gedroomd om ooit een kennel te starten. Basco was de diensthond waarmee ik heb gewerkt in de jaren zeventig van de vorige eeuw in Amersfoort.

Basco hebben we als diensthond gekocht in Boxtel, hij had de opleiding gehad bij de plaatselijk afdeling van de KNPV maar hij was niet gecertificeerd te koop gezet en in de eerste weken bleek al snel waarom. Basco was niet een zogenaamde punten hond. Het liefste wat hij deed was hangen in de mouw van de pakwerker en scheuren maar. Al snel lieten collega’s blijken niet zo graag in het pak te zitten als Basco mocht stellen. Ook was Basco geen allemans vriend, eigenlijk een typische eenmanshond.

Basco kende geen vrees en was gek op water. Een sprong van een brug in het ongeveer twee meter lager gelegen Valleikanaal was voor hem geen enkel probleem. Voor kinderen was hij eigenlijk heel erg lief en voorzichtig maar vreemden daar had hij niets mee. Ik moet eerlijk zijn, het heeft wat voeten in aarde gehad voordat ik geen vreemde meer van hem was maar op de dag dat hij wist dat ik toch zijn baasje was is het nooit meer fout gegaan. Naast een geweldige praktijkhond was het er ook één met een zeer goede neus. Zoeken vond hij geweldig, ik pronkte er wel eens mee.

Basco heeft meegedaan met een aantal keuringen en deze allemaal behaald alhoewel zijn eerste keuring een legendarisch werd. Op het terrein van de spoorweg politie in Maarn was de keuring georganiseerd. Eén van de keurmeesters was de legendarische Kolonel de Beaufort. Hij was een strenge keurmeester en ook nog een officier van de oude garde dus ik was behoorlijk zenuwachtig toen ik als eerste de stellaan op mocht. De pakwerker dook op uit de bosjes en ik riep hem aan. Halt Politie, Halt Politie. Basco: “Stellen”

Basco raasde over de stellaan en klapte op de pakwerker die dreigde met een stok. De klap was zo hard dat de pakwerk van de sokken ging en Basco hem een paar meter over het zandpad sleepte. Ik snelde naar de plaats des onheils en stampte met mijn laarzen zo hard mogelijk op de grond zodat Basco wist dat ik in aantocht was. De kolonel hield me tegen en vroeg, medelijden hebbend met de pakwerker die steeds verder over het zandpad werd getrokken, of ik het commando los al kon geven. Ik moest wachten. Terwijl Baso druk bezig was met de pakwerker zag ik dat de kolonel een sleutelbos uit zijn duffelse jas opdiepte, daarmee in de richting van Basco ging en er luid mee rammelde. Kennelijk was het de bedoeling dat Basco door het rammelen zou lossen. Ja hoor bij de eerste rammel liet hij los en keerde zich tegen de kolonel. Al een razend had hij hem te pakken bij een mouw van die duffelse jas. Zo snel ik kon greep ik Basco bij de halsband en loste hem van de mouw. Een stukje van 20 bij 10 centimeter bleef in de bek van Basco hangen terwijl ik me met hem uit de voeten maakte. De collega’s die mij opwachtten vroegen hoe het gegaan was. Ik was daar duidelijk in, een verloren zaak en die dag geen certificaat was mijn overtuiging. Toch mocht ik het programma afmaken en aan het einde van de dag kreeg ik het certificaat met voor het bijtprogramma allemaal tienen plus de aantekening ‘geweldige praktijkhond’.

Ik heb met Basco gewerkt tot een twee weken voor zijn dood. In de laatste jaren verbleef hij in huis en niet meer in de kennel en was dus naast diensthond ook huishond. Toen hij ziek werd kon het niet anders dan dat hij opgenomen zou worden in Utrecht in de ziekenboeg van de Universiteit. Na diagnose was er geen keuze en heb ik afscheid moeten nemen van mijn maat en dat heeft me bepaald niet onberoerd gelaten en daarom alsnog een stukje over hem. Zoals ze zeggen, de herinneringen blijven.

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.