Langdurige inteelt bij het fokken van honden heeft geleid tot problemen in bijna alle rashonden. Ziekten en afwijkingen zorgen voor veel verdriet bij hondeneigenaren omdat honden vaak niet oud worden of door een gebrek worden geëuthanaseerd. Daarnaast heeft de overheid inmiddels fokverboden ingesteld voor bepaalde rassen en is er Europese wetgeving in de maak. Kenmerken van kleine nesten of na een dekking helemaal geen pups of pups met afwijkingen wijzen vaak op een genetisch probleem en dan vaak voorkomend uit het feit dat de ouderdieren rondlopen met een nagenoeg hetzelfde genenpakket. Voor ons was duidelijk dat de bestaande praktijken in de fokkerij niet langer houdbaar waren en dus was de keuze om te stoppen eigenlijk een makkelijke.

Toch zagen we kansen, kansen om te fokken op een verantwoorde manier namelijk door onderzoek te doen naar het verkrijgen van genetische variaties is ondersteuning van de wetenschap onontbeerlijk. Wetende dat de gemiddelde inteelt coëfficiënt bij Duitse Herders 35 % of hoger is, leidt vrijwel altijd tot:

  • ernstige toename erfelijke ziekten
  • verminderde weerstand
  • slechtere vruchtbaarheid
  • meer sterfte (pups en volwassen dieren)
  • gedrags- en bouwafwijkingen
  • kortere levensduur

In de praktijk wordt zo’n niveau door genetici en dierenartsen gezien als zeer ongezond en onethisch voor structurele fok.

Dus is er geen andere keuze dan het fokken met niet aan elkaar verwante honden, althans met zo min mogelijk genetische overeenkomsten. De rasvereniging waar ik zowel oprichter als bestuurder was heeft de richting gekozen om honden te fokken die genetisch gezien niet op elkaar lijken, zogenaamde Outcross. Deze gedurfde stap heeft wel geleid tot een boel gedoe maar uiteindelijk hebben een aantal fokkers en bestuursleden het lef gehad een stichting in het leven te roepen met het doel om gezonde honden te fokken. We staan volledig achter de stichting: Promovere Sanus Canibus en steunen deze stichting van harte.

https://www.sanus-canibus.nl/